Hoofdstukindex:

AJansen1Frans Jansen (68) is een beeldend kunstenaar die al tientallen jaren in Assen woont. Hij volgde destijds de Academie voor Kunst en Industrie in Enschede en is een artistieke duizendpoot, die talloze technieken hanteert, zoals schilder- en tekenkunst, grafiek, ruimtelijke objecten, muurtekeningen en fotografie.

Zijn meest recente creatie is de grote Menora, de zevenarmige joodse kandelaar, die begin juli op de Kop van de Vaart in Assen werd geplaatst om de aandacht te vestigen op de expositie van de Dode Zeerollen in het Drents Museum.

Zijn plaats in de C+B-historie komt voort uit het feit dat Frans van 1967 tot 1970 bij Harry Muskee in de boerderij te Grolloo woonde. Frans kan dus uit eerste hand over die tijd vertellen.

De webredactie sprak de Asser kunstenaar in zijn 'verscholen' atelier achter de Marktstraat, temidden van zijn talrijke schilderijen en zelf ontworpen meubels. Zijn herinneringen zijn boeiend, maar toch overheerst het gevoel dat Frans afstand bewaart en relativeert. Hij legt dat overigens ook uit: "Die tijd in Grolloo wordt nu vaak hevig geromantiseerd, maar stelde eigenlijk weinig voor, zeker in die laatste jaren. Natuurlijk kan ik veel meer vertellen, zeker over Harry, maar waarom zou ik dat doen? Als iemand een product wordt, krijg je er ook een mythe omheen. Er worden dingen bij verzonnen, zaken worden mooier of juist lelijker gemaakt. Ik zeg niet dat de beeldvorming rond Harry onjuist is. Maar hij is altijd onvolledig. Iedereen heeft zijn of haar eigen idee over de werkelijkheid. Wat is waar en wat niet? Laat daarom die mythe maar mooi de mythe blijven…"

Plakboeken
AJansen7Wie de goed gedocumenteerde plakboeken van Frans Jansen doorbladert, krijgt een interessant en representatief beeld van de problemen waarmee jonge beeldend kunstenaars in het naoorlogse Nederland te maken hadden. Het geeft vooral de indruk van strijd, op diverse fronten. Strijd tegen de artistieke smaak van die jaren, tegen de vooroordelen van het establishment, tegen de plaatselijke en landelijke autoriteiten en, vooral, de strijd om te kunnen overleven.
"Wij waren als jonge generatie bezig de wereld te bestormen, met nieuwe muziek, poëzie en kunst. Daar waren veel mensen niet blij mee," vertelt Frans. "Ik heb tijden geleefd van 20 gulden steun in de maand. Wat zal dat nu zijn, 150-200 euro? Niks dus. Ik was daarom lang afhankelijk van de hulp van anderen."

De plakboeken van Frans geven fraaie voorbeelden van het bestaan als startend kunstenaar. Zo werden in Veendam eind jaren zestig een aantal plastieken van zijn hand 'per abuis' door de reinigingsdienst op de schroothoop gedumpt. Ze werden gered door Rom Boonstra, de toenmalige directeur van De Kolk en stonden enige tijd op De Brink in Assen.

AJansen17Ook kwam Jansen in conflict met enkele van zijn Asser kunstcollega’s en de Sociale Dienst wegens een niet-betaalde gasrekening van een gezamenlijk atelier in de Openbare Leeszaal aan De Brink. Hij was 'met de Noorderzon' naar Zwitserland vertrokken en liet een 'spoor aan onbetaalde rekeningen en een verbijsterde middenstand' achter, aldus de Drentsche Courant.
Frans kwam spoorslags terug naar Assen, voldeed aan zijn verplichtingen en spuidde zijn gal over 'onfatsoenlijk, oncollegiaal gedrag, ver beneden alle peil'. Hij kondigde pontificaal zijn vertrek aan naar Canada en Zuid-Amerika, waar uiteraard niets van terecht kwam.

Ook werd in die jaren een tentoonstelling in Veendam voortijdig beëindigd, omdat de plaatselijke kerkvoogdij van de Hervormde Gemeente diep geschokt was door zijn schilderijen en tekeningen van naakte baby’s, die 'als verschrikkelijke gedrochten' waren afgebeeld.


Voer voor kranten
AJansen24Het was destijds dankbaar voer voor de kranten, die er vol van stonden. Zelfs de voorpagina van De Telegraaf werd gehaald. De lezers smulden ervan en deden af en toe ook een flinke duit in het zakje. Zo kreeg Jansen openlijk veel kritiek over het tien meter hoge ijzeren kunstwerk dat hij begin jaren zeventig voor de nieuwe Scholengemeenschap aan de Groen van Prinstererlaan in Assen maakte. Velen vonden die 'totempaal' of 'wasknijper' maar niks. Anno 2013 staat het kunstwerk echter nog steeds op dezelfde plek, bij de momenteel in verbouwing zijnde scholengemeenschap Vincent van Gogh. 'De ritssluiting' is nu de al jaren gehanteerde bijnaam.

Al deze aanvaringen lieten Frans Jansen destijds echter al volkomen koud. 'Het interesseert me eigenlijk geen lor,' liet hij de plaatselijke pers weten. 'Ik maak dingen en hoe men erover denkt is niet mijn zaak. Al vinden ze het tof om hun agressie op mijn werk te ontladen, dan moeten ze dat zelf weten. Maar persoonlijk vind ik dat ze dan beter een dikke baksteen door hun tv-toestel kunnen gooien.'

"Ja, ja," verzucht Frans ruim 45 jaar later, "Dat waren best moeilijke, maar ook spannende jaren. Gelukkig reageerde ik zelf nooit agressief op kritiek, hoe onterecht en ongefundeerd deze vaak ook was. Ik wilde niemand met mijn werk opschepen. Als ze het niet mooi vonden, nou prima toch? Ach, je had de Provo’s en de hippies en het verweer tegen grootmachten, nutteloze oorlogen en autoriteit. Ik weet nog dat Rom Boonstra als eerste directeur popgroepen naar De Kolk haalde. C+B heeft er vaak gespeeld en ik heb er regelmatig geëxposeerd. Ik kan me de raadsvergaderingen in Assen nog herinneren, waar politici en bezoekers ontzettend tekeer gingen. Dat lawaai en die rommel in 'ons' Asser Cultureel Centrum? Schande!"


Eerste ontmoeting
AJansen30Frans Jansen ontmoette Harry Muskee in 1965 in boerderij De Eshof in Norg, waar Joke, de moeder van Harry’s vriendin Miep Huisman, een expositie- en verkoopruimte had. Frans hield er in mei en juni van dat jaar zijn eerste tentoonstelling, samen met beeldhouwer Wim Doorschodt. Hij exposeerde er 'gewassen tekeningen' onder de naam Francis J, omdat hij dacht dat hij onder zijn eigen oer-Hollandse naam Frans Jansen nooit beroemd zou worden. "Nou, dat is dus ook precies uitgekomen," lacht Frans.

In Norg maakte hij kennis met Harry en Eelco Gelling in de tuin van De Eshof. "Zij lagen daar te zonnen. We raakten aan de praat en er was eigenlijk direct een klik. Dat gebeurde wel vaker met jonge mensen die iets in de kunst of de muziek deden. Al snel werden we vrienden. Ik kende ze niet als band, want ze waren net begonnen in 1965 en nog niet beroemd. Ik kreeg het singletje Back Home van ze en dat vond ik erg goed. Daarna vertrok ik voor een tijdje naar Lausanne en daar heb ik dat plaatje in een plaatselijke jukebox veel gedraaid. Dat vonden ze prachtig, die Zwitsers."    

AJansen22Frans Jansen zwierf vervolgens enige tijd door Nederland. Via zijn geboorteplaats Steenwijk en Enkhuizen kwam hij in Haarlem terecht, waar hij op een woonboot verbleef. C+B waren inmiddels redelijk bekend geworden en als ze in de buurt van Haarlem optraden, kwamen ze vaak bij Frans langs. "Er was een veldje bij die boot, waar we voetbalden. Dat was hartstikke leuk. Maar op een gegeven moment had ik het daar wel gezien. Harry woonde inmiddels in het boerderijtje in Grolloo en opperde dat ik daar ook wel terecht kon. Je kan dan mooi op de deel werken, zei hij. Nou, daar had ik wel oren naar. Ik had weinig bezittingen, dus ik kon zo weg. Dat heb ik toen ook gedaan. Ik zie me nog staan in Rolde bij de melkfabriek. Ik dacht: Waar ben ik nou ik vredesnaam terechtgekomen, door alles en iedereen verlaten? Maar goed, uiteindelijk ben ik bij Harry beland en ben ik drie jaar bij hem gebleven."


In Grolloo
AJansen5De verwachtingen over het rustige, mooie Drentse boerenlandleven, waar de artistieke adrenaline vanzelf door de aderen zou gieren, werden echter niet of nauwelijks bewaarheid. In de zomers was het goed toeven in Grolloo. "Dan was het er fantastisch. Wij zaten als eersten bij die zandafgravingen zoals De Moere, toen daar nog geen mens kwam. Ik kreeg al snel een vriendin. Liesbeth en ik (foto links) zaten daar als Adam en Eva in het paradijs. We reden ook paard, samen met de jongens van Gans."

In de herfst en tijdens de winter was het echter een heel ander verhaal. Voor permanente bewoning was Harry's boerderij dan zeer onpraktisch en eigenlijk ongeschikt. Frans Jansen: "Het was er ontzettend primitief, eigenlijk pure armoe. We hadden geen stromend water, want dat bevroor. Er was ook geen keuken en geen toilet. Het tochtte en kierde dwars door de boerderij heen. We hadden in de voorkamer wel een oliekachel, met daarachter een groot vat olie. Dat heb ik een keer omvergelopen. Ik kwam ontzettend dronken van Hofsteenge naar de boerderij gestrompeld en binnen ben ik over de leiding gestruikeld, waardoor dat vat omkieperde. Alle olie door de hele kamer… Moet je je voorstellen! Met m’n zatte kop heb ik met doeken en dweilen op m’n knieën die olie opgeruimd. Harry was er gelukkig niet. Die was op toernee of zo."

In de beginperiode van Frans' verblijf in Grolloo sliep hij samen met Harry Muskee in de bedstee. "Ik had geen keuze, een andere optie was er toen nog niet," vertelt hij. 's Ochtends na het opstaan vertrok het tweetal direct naar het café van Harm Hofsteenge om te toiletteren, te ontbijten en een krantje te lezen. "Ik hoefde van Harry geen huur te betalen. Als tegenprestatie hield ik de boel in de boerderij een beetje netjes. En ik veranderde en verbouwde het een en ander. Ik heb het enkele maanden bij Harry in die bedstee uitgehouden en toen was ik het zat. Vervolgens heb ik me dat piepkleine achterkamertje toegeëigend waar nu die extra bedstede staat. Die was er toen niet. Ik had daar een mini donkere kamer gemaakt, want ik fotografeerde in die tijd al. Ook had ik ernaast een keukentje geïnstalleerd, waar ik veel muizen ving. Voorts kreeg ik een bed van mijn ouders dat er nauwelijks inpaste. Ik had dus bijna geen ruimte en ik moest daar nota bene ook nog schilderen… "

AJansen14"Ik heb wel op de deel gewerkt, maar voornamelijk in de zomer. ’s Winters wat het te koud en moest ik wel in mijn kamertje schilderen. Het was er ongelooflijk krap, maar goed, ik was blij met wat ik had. Later heb ik de voorkamer van Harry ook aangepakt. Ik heb sfeer nodig om te kunnen functioneren. Horst Deerman, de vroeg overleden beeldhouwer uit Assen (waarvan het door hem gemaakte beeld op de foto links jarenlang in de boerderij heeft gestaan), had Harry daar ook al eens mee geholpen, door er een wit muurtje te metselen met banken ervoor, waarop Eddie Boyd nog heeft geslapen. Ik heb er een barretje gemaakt, op de plek waar nu die zogenaamde bedstee van Eddie Boyd is ingericht. Ook heb ik van de overgebleven witte bakstenen van Deerman een aparte stoel gemaakt en schilderde ik de al aanwezige stoelen lila en zwart. Dat vond Harry wel mooi."


Beat & Poetry
AJansen23In die periode verzorgden Frans en C+B regelmatig dubbeloptredens onder de naam Beat & Poetry. "Dat was eigenlijk een nieuw concept. We gingen dan naar jeugdsociëteiten of clubs. Ik exposeerde er tekeningen en schilderijen en las gedichten voor. Af en toe deden collega’s van me mee. Cuby & the Blizzards traden vervolgens ook op. Soms speelden zij instrumentaal en las ik gelijktijdig voor. Die voorstellingen sloegen best wel aan en haalden vaak de pers (foto links). We deden ook wel dingen samen in De Kolk. Harry heeft er nog eens een tentoonstelling van mij geopend."

Het uitgaansleven kwam in die jaren aardig op gang. "Althans, laat ik het zo zeggen: In Grolloo heb ik echt leren drinken," reageert Frans. "Bij Harm Hofsteenge zaten we ons vaak rond die grote tafel te bezatten met de plaatselijke drinkers, die typische dorpskarikaturen: Gus, die later naar Assen verhuisde, Gienus Lunsing met zijn bochel en Arie de smid, die trouwens ook landelijke bekendheid kreeg in een of ander spelletjesprogramma op tv. Muskee gaf vaak de rondjes weg. Als die gasten dronken werden, was het net alsof je in een film van Fellini terechtkwam…"

"In Assen bezochten we koffiebar Rask aan de Torenlaan. De oudere Assenaren gingen vaak naar De Peuk, dat was een fameuze kroeg tegenover De Kolk. Ik heb daar nog wel foto’s gemaakt. Bij Janpie Dekker aan de Gedempte Singel werden we eerst geweerd, vanwege ons gedrag en ons uiterlijk. Maar uiteindelijk was dat niet meer tegen te houden. Dekker was een fantastisch café en werd DE kroeg van Assen, waar iedereen kwam, ook heel popmusicerend Nederland, zoals Golden Earring, de Kjoe en Boudewijn de Groot."

Frans Jansen heeft de periode dat er door de band vaak in Grolloo werd gerepeteerd, niet meegemaakt. "In mijn tijd gebeurde dat niet of nauwelijks meer. Een beetje voor de show of voor de media en zo, maar verder niet. Dat hele idee van die band in de boerderij werd kunstmatig in stand gehouden. In werkelijkheid woonden alleen Harry en ik er. Toen ik er kwam, waren Hans Kinds en Willy Middel al uit de band. Jaap van Eik en Herman Brood waren er net bijgekomen. De eerste keer dat ik Brood zag, kwam hij uit dat busje gestapt, wat loensend kijken, heel verlegen. Er kwam geen zinnig woord uit. Hij kwam verder weinig in Grolloo, althans in de jaren dat ik er woonde. Ik heb hem er nooit serieus aan het werk gezien."

AJansen19Zomer 1968 richtte Frans Jansen een tentoonstelling in de boerderij in. Hij deed dat samen met John Eck, die op de deel zijn sieraden exposeerde. Frans had er schilderijen, tekeningen en plastieken opgehangen. 'Ze zullen het weten hier in Drenthe. Die heidementaliteit moet verdwijnen. We willen moderne kunst brengen en die Drenten slepen we er gewoon met de haren bij,' provoceerde hij destijds in De Volkskrant.

De tentoonstelling werd op zaterdag 31 augustus geopend door burgemeester Koos Borgesius van Rolde. Een en ander suggereert dat Frans inmiddels aardig door de plaatselijke gemeenschap was geaccepteerd. "Nou, dat viel wel mee," nuanceert hij. "Dat had ook te maken met de groeiende bekendheid van Harry. Die trok media aan en dat vonden de mensen wel mooi. Er was toen in Grolloo nauwelijks import. Er woonde een vaste boerenbevolking. Zoals in elke gemeenschap waren er heel aardige mensen bij en een stel eikels van jewelste. Nou was ik ook een rare snoeshaan in die tijd hoor. Ze begrepen geen bal van me als kunstenaar met die gekke schilderijen. Ik had veel te lang haar, malle kleren aan en ik verdiende m'n eigen kost niet. Ik kreeg zoals gezegd twee tientjes contraprestatie in de maand en ze vonden me daarom maar een klaploper. Ik daagde ze vaak uit: Durven jullie zo nodig iets over mij te zeggen? De agrarische sector wordt zwaar gesubsidieerd, jullie ontvangen meer subsidie dan alle kunstenaars bij elkaar, dus wat zeuren jullie nou over mij?
Tja, dat droeg ook al niet bij tot de feestvreugde natuurlijk… Ik kon met een paar mensen goed opschieten, maar met velen ook niet. Maar ik trok me daar niks van aan."


Isolement
AJansen3Na verloop van tijd werd het voor Frans steeds moeilijker om in de boerderij te leven. "Als ik alleen daar had moeten wonen, had ik het nooit uitgehouden. Harry heeft het ongetwijfeld heel anders ervaren, want hij heeft uiteindelijk zelf voor dat boerderijtje en dat isolement gekozen. Hij is de hoofdpersoon in dat hele Grolloo-verhaal. Maar vooral in die laatste periode was Harry er nauwelijks meer. Hij was vaak weg, op toernee of naar Assen. Soms bleef hij dagen weg en zat ik er hele periodes alleen (uit die tijd dateert onder meer het olieverfschilderij Baby uit 1968, foto links). Ik had een gasstelletje, waarop ik iets primitiefs kon klaarmaken, met tomaten of gehakt. Veel stelde het niet voor. Ik at af en toe wat in de cafetaria, naast Hofsteenge. Als ik geld had tenminste. Het was een periode van bittere armoe. Ik had wel tentoonstellingen, maar ik verkocht vrijwel niets. Dus at ik ook wel eens niet…"

"Door mijn verkering met Liesbeth, de dochter van de financieel-directeur van het ziekenhuis in Assen, kreeg ik het beter. Ik verbleef vaak in hun luxe boerderij in Grolloo. Ik werd daar in de watten gelegd door haar ouders, hele lieve mensen. Ik mocht er werken en ik heb daar heel wat kartonnen beeldontwerpen en etsen gemaakt. Eigenlijk wilde ik wel weg uit Grolloo, maar mijn povere financiële situatie en mijn omgang met Liesbeth hebben me daar nog een tijd gehouden."


Ervaringen met Harry
AJansen2Frans Jansen heeft Harry Muskee drie jaar van zeer dichtbij meegemaakt. Ze zaten vaak bovenop elkaars lip. Hoe omschrijft hij de dagelijkse omgang met Harry? "Wij hadden een soort natuurlijke vriendschap die was gebaseerd op wederzijds respect," antwoordt hij. "We waren kunstenaars onder elkaar. Alles kon. Dat ging allemaal heel vanzelfsprekend. Harry heeft mij altijd geweldig geholpen en tussen ons is er nooit sprake geweest van enig conflict. Ik woonde bij hem net na de periode Miep Huisman. Hij heeft over haar heel wat tranen geplengd, met alle ellende van dien. Daar heb ik veel van meegekregen. Het ging hele periodes nergens anders over. Hij droeg bijna altijd die door de moeder van Miep gebreide trui en die steen van John Eck om z’n nek. We waren jong en vaak dronken en dan werd er sowieso flink sentimenteel gejammerd over damesleed. Ja, we hebben flink getreurd in die tijd…"

"Natuurlijk zag ik ook zijn mindere kanten. Hij had de neiging om achter iemands rug om negatieve dingen te zeggen, vooral als hij jenever op had, dan werd hij wel eens kwaadaardig, een beetje vilein. Harry was heel erg op Drenthe gefixeerd. Grolloo was zijn uitvalsbasis. Als ze ergens speelden, was hij de malloot die altijd terug wilde, vaak zeer tegen de zin van de andere jongens in. Als hij geen zin had, speelde hij niet. Dan kwamen die nukkige en hardnekkige koppigheid en zwijgzaamheid tevoorschijn. Hij was niet alleen moeilijk voor zijn omgeving, maar ook voor zichzelf. Dat hele Engeland- en Amerika-gedoe is ook mislukt door Harry. Die wilde gewoon niet. Hij had in die tijd een soort ziekelijke reisangst, dat weet ik vrij zeker. Later is dat overgegaan en toen is hij juist veel gaan reizen en vliegen." 

Wat Frans met name wil aanstippen is de merkwaardige haat/liefde-verhouding tussen Harry en Eelco. "Eigenlijk ging alle aandacht naar Eelco uit. Hij was de sociale, aardige, mysterieuze, briljante gitarist, met een wereldse uitstraling. Hij had een grote ster kunnen worden. Dat had Harry helemaal niet. De combinatie Muskee/Gelling was, hoewel een toevalstreffer, natuurlijk geweldig. Twee mensen die min of meer in hetzelfde straatje woonden en beiden een groot talent hadden. De verhouding tussen die twee werd diverse malen verbroken en hersteld. Totdat Gelling naar de Earring ging, toen was het helemaal over wat Muskee betreft. Dat was het ergste wat Gelling kon doen, overstappen naar zo’n popie-jopie groep, althans in zijn ogen. Terwijl Harry van oorsprong heel goed met die jongens van de Earring omging hoor."

AJansen10"Het verschil tussen Harry en Eelco was ook zo zichtbaar," vervolgt Frans peinzend. "Eelco flaneerde overal vrolijk tussendoor. Maar Harry niet. Ik weet nog dat ik in Amsterdam bij een concert van ze was in de Lucky Star of zo, vlakbij het Rembrandtsplein. Ik stond tussen het publiek. Over Eelco waren ze lovend, maar over Muskee werden opmerkingen gemaakt als: Dat is die rare boer op klompen uit Drenthe. Harry hoorde dat ook. Hij wilde dan na afloop zo snel mogelijk weer weg en dat viel op. Hij voelde zich altijd misdeeld door de rest van het land. Overmatig drankgebruik droeg daar ook toe bij. Later, toen we zijn gaan voetballen bij Achilles, is dat wel beter geworden. Ik deed en doe veel aan sport. Dat heeft mij uit de goot gered. Harry vond het ook wel fijn om mee te doen, maar was niet echt fanatiek. Hij organiseerde het altijd zo dat de beste spelers om hem heen stonden en dat heeft hij met zijn muziek net zo gedaan. Daarmee heeft hij wel mensen geschoffeerd, maar ja, als je beter wilt worden en wilt groeien, ontkom je daar soms niet aan."


Positieve kanten
AJansen20"Harry had natuurlijk ook veel positieve kanten," benadrukt Frans. "Hij was een natuurliefhebber en wist alle plekjes hier in de buurt. Hij kocht of kende nieuwe muziek altijd voor de meute uit. Daar had hij een hele fijne neus voor. Hij was bovendien een doorzetter, een inspirator, hield als centrale man de hele club bij elkaar. Hij wist alles, van topografie tot literatuur en beeldende kunst. Hij had een gigantisch geheugen voor alle dingen die hem interesseerden. Ik weet nog goed dat hij met Mariska Cock naar Wenen was geweest en dat hij bij terugkomst de namen van alle architecten van de belangrijke gebouwen kende. Hij had een krankzinnige honger naar kennis en dat vond ik toch wel bijzonder aan hem. Hij las heel gericht en goed. En daar deden wij aan mee, ik tenminste wel. Boeken van Max Frisch, Simone de Beauvoir, Sartre, Camus, over het existentialisme. Hij had een klein kastje met zo’n twintig, dertig boeken. En die titels wisselden regelmatig. Hij was een periode helemaal weg van Jac Kerouac. On the Road lag tijden op tafel en dat moesten we allemaal lezen. Harry zei dan: De blues, dat is gewoon de grond waar je op leeft en woont, weet je wel, dat soort pseudo-intellectuele dingen. Hij vond het trouwens ook prachtig om die uitspraken en kennis allemaal te spuien. Als hij daarmee bezig was, kwam je er absoluut niet meer tussen. Hij kon dan eindeloos door-ouwehoeren, ook over muziek, tot we er spuugzat van werden. Ik wel tenminste…"

AJansen25"De andere jongens van de band kende ik ook goed. Met Hans Kinds ben ik bevriend geweest. Met Eelco trouwens ook. Ik was niet echt een bluesliefhebber. Ik had en heb een brede muzikale smaak, van Leonard Cohen en Mozart, tot Miles Davis. Maar ik vond de langzame, slepende C+B-nummers erg mooi. The Sky is Crying, Somebody Will Know Someday en Window of my Eyes vind ik nog steeds prachtig. Ik heb nog een foto van de Triumph Tippa schrijfmachine waarop Harry die tekst van Windows maakte (links).
Ik was verder niet zo’n fan van de groep hoor, die overal achteraan liep. Integendeel zelfs."

AJansen12"Ik ging wel regelmatig mee naar de optredens en ik ben ook bij de opnames voor de LP Applekockers Flophouse in Den Haag geweest. Van daaruit werd er ook opgetreden. Ik kan me een trip herinneren naar de Caledonia. Dat was een beruchte studentenboot in Amsterdam. Dat concert liep een beetje anders dan gepland. Eelco was z’n gitaar vergeten en die moest roadie Bertus de Vroome alsnog ophalen. Toen Bertus terugkwam, was Eelco straalbezopen. Hij kon z'n gitaar niet eens meer vasthouden. Dat hele optreden is nooit doorgegaan. Daar werd overigens niet zo zwaar aan getild, want inmiddels was iedereen op dat schip starnakel zat en zo stoned als een garnaal. Verschrikkelijk, ik heb nog nooit zo’n Sodom en Gomorra gezien als daar. Ik ben met manager Jan Venhuizen die boot nog doorgelopen. Helemaal verbijsterd waren we, het was een hele slechte B-film op zich. Opmerkelijk was overigens dat de volgende dag iedereen het erover eens was dat C+B een fantastisch concert hadden verzorgd. Niemand had dus gemerkt dat ze geen noot hadden gespeeld…"


Beroemde bezoekers
In de drie jaar dat Frans in Grolloo woonde, ontmoette hij ook veel van de beroemde bezoekers die de boerderij regelmatig aandeden. "Ik heb Eddie Boyd heel bewust meegemaakt. Er wordt gezegd dat hij in de bedstee sliep, maar dat was niet waar. Ik maakte elke dag keurig z’n bedje op, op de bank. Mick Taylor heb ik leren kennen, die speelde toen nog in The Bluesbreakers en uiteraard de bekende Nederlanders die er kwamen, zoals Ton Sijbrands en Boudewijn de Groot. Met hen maakten we ook regelmatig lange wandelingen door de omgeving. Mijn mooiste ontmoeting was met Alexis Korner. Dat was een geweldige man, met een moeder die ook beeldend kunstenaar was. Dat gaf direct een klik."

AJansen4"We hebben trouwens in Grolloo mooie feesten gehouden. Dat gebeurde in de grote boerderij van Daan Gans, die in Assen een zaak had op de Gedempte Singel. Harry was op 10 juni jarig, ik op de veertiende en Eelco op 16 juni. Af en toe vierden we die verjaardagen gezamenlijk en mochten we een feestje houden bij Gans thuis (foto links, met Eelco, Bert Jansen en Jenny Gans). Daar kwamen veel mensen op af, ook bekende. Ik kan me de broers Koerts van Earth & Fire nog herinneren en de acteur/zanger Sandy van der Linden."

Volgens Frans kwam er in die laatste jaren weinig vrouwvolk meer over de vloer van de boerderij. "Er worden allerlei indianenverhalen verteld over wat er allemaal in die boerderij plaatsvond. Dat kan in de begintijd best zo zijn geweest, maar in de jaren dat ik er woonde, was dat niet zo. Ik heb misschien een paar keer wat meiden de deur uit moeten werken, omdat Harry 's ochtends de gewoonte had om op te staan en te verdwijnen en dan moest ik maar zien dat ik die vrouwen kwijtraakte, maar dat is een enkele keer gebeurd. Kijk, Harry woonde er alleen en de meeste dames kwamen toch op Eelco en Herman Brood af, maar die woonden daar helemaal niet. Dat viel dus allemaal best mee."

Het zou helemaal in het plaatje van de beginnende 'leed- en ellendekunstenaar' passen als Frans Jansen van mening zou zijn dat drie jaar ontberingen in Grolloo hem als artiest hebben gevormd en gesterkt. Maar niets van dat alles, is zijn ontnuchterende antwoord: "Nee, ik geloof niet dat die periode erg van invloed is geweest op mijn artistieke ontwikkeling. Of dat de omgeving en de mensen mij daarin extra hebben gestimuleerd. Die tijd levert nu fascinerende herinneringen op, maar voor mij was het toch vooral een periode van overleven."


Exit Grolloo
AJansen6In 1970 kwam er vrij abrupt een einde aan het verblijf van Muskee en Jansen aan de Voorstreek in Grolloo. De boerderij kwam in handen van de buren, die een aannemersbedrijf hadden. Harry en Frans konden er blijven wonen, maar gedeeltelijk werd de boerderij in gebruik genomen als bedrijfsruimte. Frans: "Er werden spullen en cementmolens op de deel gezet en men ging om zeven uur
's ochtends aan het werk. Nu kon ik toch al niet zo goed met één van die buren opschieten, maar de zaak explodeerde toen ze op een ochtend die mooie grote lindeboom pal voor de boerderij omzaagden, zonder enig overleg. Dat was voor Harry de druppel die de emmer deed overlopen. Redenen genoeg dus om Grolloo te verlaten."

"Harry had een kennis, Diddo Steen uit Groningen, die weer een oom had die makelaar was. Hij had een mooie boerderij te koop in Ansen. Harry kocht dat pand en ik moest erheen om de zaak op te knappen en bewoonbaar te maken. Met mijn vriendin Liesbeth heb ik daar in de zomer van 1970 gezeten. Met de grote deel deden we niks, we hebben alleen het woongedeelte gezellig gemaakt door veel te verven en dergelijke. Het was een monumentale boerderij in een fraaie omgeving, heel mooi. Harry kwam er zelden. Hij is er in die paar maanden hooguit enkele keren geweest. Dat vond ik toen al vreemd. En na drie maanden was dat avontuur inderdaad alweer voorbij, toen Harry door financiële toestanden, maar ook omdat die boerderij te ver van Assen lag, gedwongen was de boel weer te verkopen."

AJansen15Nadat Frans eerst enige tijd in een atelier in de Oude Leeszaal aan De Brink in Assen had doorgebracht, werd hij door zijn toenmalige schoonvader aan een huis geholpen in de Gymnasiumstraat. Muskee verhuisde ondertussen ook terug naar de Drentse hoofdstad en sliep vaak bij Jansen. De banden met de verschillende vrienden werden verstevigd en zijn eigenlijk altijd blijven bestaan. Veel van die kameraden voetbalden ook met elkaar. Jan Houwing, Jan Mennega, Rudy Leukfeldt, Geert Loman, allemaal maakten ze deel uit van de 'sien'. Ook Johan Derksen versterkte af en toe de gelederen. "Met Johan, Harrry en Rudy Leukfeldt ging ik regelmatig naar de sauna in Emmen. We voetbalden ook in een café-elftal (foto boven), dat werd samengesteld door Johan Derksen, op verzoek van een kroegbaas in Zuid-Laren. Wij deden regelmatig aan horeca-toernooien mee."


Leven in Assen
AJansen9Frans Jansen woonde op diverse lokaties in Assen. In één van de bekende Smetanaflats huurde hij een appartement. Harry Muskee en Eelco Gelling hadden in die flats eveneens een woning. "Ik heb ook in een huis aan de Collardslaan samengewoond met Herman Brood en Jaap van Eik, de toenmalige bassist van C+B. Van Herman weet ik nog dat hij een tijdje als een mummie door het huis liep. Hij had schurft opgelopen en had zich helemaal met verband ingewikkeld. Brood vond ik een heel merkwaardige gozer, een vreemde man. Je had er nooit lange gesprekken mee. Het bleef bij veel korte en vaak komische opmerkingen tegen elkaar. Een echt gesprek heb ik nooit met hem gehad. Toen ik later een huis had in de Molenstraat kwam hij regelmatig binnenlopen om vijf gulden te lenen voor een shotje of een stickie of zo."

Eigenlijk als vanzelfsprekend bleven de financiële sores Frans achtervolgen. Van zijn kunstwerken verkocht hij zelden iets. Wel exposeerde hij regelmatig. Het werd wat beter tijdens de BKR-regeling (Beeldend Kunstenaars Regeling), waardoor kunstenaars in ruil voor hun diensten of kunstwerken een inkomen konden krijgen. Om zijn bestaan verder te veraangenamen, schakelde Frans over naar interieurverzorging. Tien jaar lang ontwierp hij van alles, tot meubilair aan toe. "Dat liep erg goed en daar heb ik aardig wat geld mee kunnen verdienen. Ik kon ervan leven en ook alle spullen kopen die ik als kunstenaar nodig had."

In 1975 maakte hij de hoes voor de LP Red, White ’n Blue. "Harry was net begonnen met die nieuwe groep. In die tijd maakte ik tekeningen die ze mooi vonden (foto boven). Jan Venhuizen vroeg me of ik iets dergelijks voor hun nieuwe plaat wilde maken. Dat heb ik toen ook gedaan."

In het begin van de jaren tachtig richtte Frans samen met enkele vrienden café Cocon (later onder meer bekend als The Bull’s Eye) in de Rolderstraat op. Twee jaar lang werd hier van alles georganiseerd op het gebied van film, muziek en poëzie. "Cocon was vrij succesvol als artistieke ontmoetingsplaats. Jules Deelder, Simon Vinkenoog en Johnny the Selfkicker zijn er geweest. Het café ging echter ten onder aan wanbeheer en aan de verdovende middelen die er uitgebreid rondgingen."
Na het opzetten van etablissement De Compagnie op de Markt, startte Frans enige tijd later met zijn toenmalige vriendin Sacha Gans het bekende restaurant De Gulle Gans in Assen.

AJansen28Met Harry bleef hij uiteraard contact houden. "Ik ben nog met hem op vakantie geweest. Ik woonde toen in de Alteveerstraat. Harry, die vaak vreselijk impulsief was, kwam aan de deur en zei alleen maar: Kom op Frans, we gaan weg. Hij had een mooie Fiat, die wij 'Frits' noemden, maar Harry had geen rijbewijs. Ik wil naar het Garda-meer, zei Harry zeer beslist. Nou, dat vond ik best. Dus ik graaide wat kleren bij elkaar en wij naar Italië. We reden er in één ruk naar toe. Daar hebben wij twee hele leuke weken gehad. Eelco kwam ook nog langs en beiden hebben in allerlei kroegjes gespeeld. Harry heeft alles voor mij bekostigd en ter compensatie koos hij een schilderij van mij uit (foto links) dat hij heel lang in zijn bezit heeft gehad."



Harry’s entourage

AJansen16In Assen kreeg Harry een verhouding met Mariska Cock, die voor hem eveneens pijnlijk afliep. Later ging hij naar Rolde, waar hij vele jaren gelukkig was met Douwina. "We zagen hem toen niet zoveel meer," vertelt Frans. "Ik tenminste niet. Hooguit een paar keer per jaar. Dan belde hij Rudy Leukfeldt of Geert Loman om te melden dat hij eraan kwam en dan moesten zij de andere vrienden optrommelen bij De Koppelpaarden of De Witte Bal. Harry’s entourage moest worden verzorgd, want hij verdomde het om alleen uit te gaan. Hij moest altijd mensen om zich heen hebben, bij voorkeur de bekende kliek."

"Toen hij zijn laatste TT-optreden hier in Assen had, hebben we elkaar nog uitgebreid gesproken. Bij de opening van het C+B Museum in begin juni 2011 kwam hij naar me toe en deed hij zijn zonnebril af. Ik schrok me lam, echt waar. Ik zag namelijk de dood in zijn ogen. Anderhalve week later, op zijn verjaardag, heb ik hem voor het laatst ontmoet. Hij zat bij Hofsteenge aan een tafel en stond ook niet op of zo. Ik ben nog even bij hem gaan zitten. Kort daarna ben ik naar Zwitserland vertrokken en toen ik terug kwam hoorde ik dat het heel slecht ging met Harry. Enkele maanden later was het inderdaad gebeurd. Achteraf snap ik het wel. Hij wilde gewoon die juni-maand nog helemaal meemaken en alles goed afronden. Gelukkig is hij daarin geslaagd."

AJansen27Over het C+B Museum is Frans Jansen zeer positief. Af en toe verricht hij er op verzoek nog wat klussen. Zo schilderde hij in zijn oude achterkamertje in de derde bedstee, waar vroeger zijn donkere kamertje was, een wandschildering. "Het bestuur vroeg me om daar iets voor te bedenken. Ik heb m’n fantasie redelijk de vrije loop gelaten. Die dame is gedeeltelijk gebaseerd op een bestaand iemand, die er speciaal voor geposeerd heeft, maar verder niet herkenbaar is. Ik wilde er dat hele gevoel van Window of my Eyes tussen die bedstee-deuren in uitdrukken."

"Of ik me terugkijkend als een geslaagd artiest beschouw? Ach, ik schilder om vrij te zijn en dat is gelukt. Ik moet altijd aan een uitspraak van mijn goede vriend Rom Boonstra denken: Ik heb mijn leven verdaan met kunst en liefde en gelukkig niet met alle andere onzin. En daarin heeft hij groot gelijk…"


XXXGedicht




 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

Naar boven