Hoofdstukindex:

Jan Venhuizen (geboren 24 september 1939) speelt in de geschiedenis van C+B een grote rol. Hij was de eerste manager van de groep in de jaren 1963 – 1972 en later nog een periode ten tijde van Red White & Blue en de elpee Kid Blue (1973/1976). Hij was in die dertien jaar betrokken bij evenzovele elpees die de groep, in wisselende samenstellingen, opnam.
xxartikelvenhuizen17a
Jan Venhuizen werkte halverwege de jaren zestig als bedrijfsleider in de platenwinkel van de firma Lampe aan de Gedempte Singel in Assen. Eigenlijk was hij meer een liefhebber van klassieke muziek, maar hij bemerkte de enorme belangstelling van de jeugd voor de plots opkomende popmuziek.

Tevens viel hem de populariteit op van de net opgerichte, plaatselijke Cuby & the Blizzards, waarvan enkele bandleden vaak in zijn zaak kwamen om naar die nieuwe muziek te luisteren en platen te kopen.

Venhuizen werd uitgenodigd om een repetitie van de band te bezoeken. Hij was onder de indruk van hun energie en sound. "Dit was nieuw, dit was anders," zegt hij ergens in het interview. Jan kende vele vertegenwoordigers uit de business, die bij hem langskwamen om de nieuwste releases aan te prijzen. Dan werd er ook over de groeiende populariteit van C+B gesproken. Uiteindelijk bood CNR aan om een single te laten maken: Stumble and Fall. De Blizzards grepen deze kans met beide handen aan. Voordat hij met zijn ogen kon knipperen was Venhuizen 'manager' van de groep. Dit werd voor hem het begin van een turbulente periode vol avonturen en tegenslagen, maar ook met vele mooie en lachwekkende momenten. In 1976, toen de Blizzards na het plotselinge vertrek van Eelco Gelling naar Golden Earring en het besluit van Herman Brood om 'solo' verder te gaan, definitief uit elkaar vielen, brak voor Venhuizen een moeilijke periode aan. "Dan leer je pas je echte vrienden kennen, en dat waren er opeens zoveel niet meer," vertelt hij.

Jan pakte op 37-jarige leeftijd alsnog een studie op en behaalde zijn bevoegdheid als leraar elektro-techniek en wis- en natuurkunde. Tot zijn pensionering gaf hij les aan het Noorderpoort-college in Groningen. Met muziek had hij in die jaren weinig  meer van doen. Jan Venhuizen meed in die periode bewust de 'scene' waarvan hijzelf jarenlang deel uitmaakte. Pas de laatste jaren staat hij er weer meer voor open. Erover praten doet hij echter nog steeds niet graag. Voor het C+B Museum maakte hij een uitzondering. Onderstaande  monoloog, die als tweeluik wordt gepubliceerd, is slechts een summiere weerslag van twee urenlange gesprekken.

Voor de juiste chronologie van zaken (jaartallen, bandwisselingen, plaatopnames) en verdere uitdieping  van onderwerpen wordt graag verwezen naar andere bronnen, zoals De Missie van Jeroen Wielaert.

Naar boven