Hoofdstukindex:

Brede kijk
XJangitaarhoudingDe eerste keer dat Akkerman de Blizzards ontmoette, was bij Sarasani op Texel. "Rond 1967. Ik speelde toen in de Hunters. In het begin was het met Harry alleen: Hoi. Begroeten dus. Verder niks. Maar langzaam mondde dat uit in vriendschap. Ik had toen al iets met de blues. Blues is altijd goed. Ik ben geboren op de Raamgracht in Amsterdam, vlakbij de rosse buurt. Uit de kroegen klonk niet alleen het bekende repertoire aan smartlappen, maar ook heel veel soul en andere zwarte muziek. Die heb ik dus op zeer jonge leeftijd gehoord en opgezogen. Harry had een brede kijk op de blues. Dat was maar goed ook, anders had ik niet met hem kunnen praten. Dat is juist het mooie van muziek, dat je je niet hoeft te beperken tot een eenzijdige blik. Dat je alle kanten uit kunt. Ik houd van breedheid in de ruimste zin van het woord. Wat dat betreft waren Harry en ik wel aanverwante zielen."

Wat die vriendschap betreft had Jan door de jaren heen meer contact met Harry dan met Eelco. "Eelco bewonderde ik echt om zijn spel. Hij had eerst een zwarte Les Paul Custom gitaar die hij later heeft omgeruild voor de rode Gibson Les Paul Sunburst. Ik heb die Custom vervolgens overgenomen en er furore mee gemaakt. Hocus Pocus heb ik er nog op gespeeld. Eelco weet dat volgens mij niet eens. Er zit altijd wel een verhaal achter die gitaren, net zoals vroeger met een oud geweer of pijl en boog. Alleen minder bloederig…"

Temidden van alle andere Nederbeat-groepen uit die tijd, sprongen de Blizzards er voor Jan duidelijk uit. "Het was blues en ik was al snel gek van Eelco’s gitaarspel. Zoals hij speelde, dat hoorde ik bij de Earrings en de Outsiders niet. Ik genoot van zijn solo’s. Het bijzondere was dat Eelco niet strikt blues speelde, maar heel veel zijpaadjes nam. Hij durfde andere noten te spelen. Dat vond ik toen heel verfrissend, en zelfs lichtelijk geniaal. Spelen is vaak het vereenvoudigen van iets heel moeilijks. Dat deed Jezus Christus ook. Die vertelde iets ingewikkelds op een hele eenvoudige wijze. Terwijl het toch verdomd moeilijk was wat hij allemaal deed. Dus wat dat betreft zat Eelco wel goed met de blues…"

Muzikaal geheugen
XAkkermanEelcovredenburgIn een eerder interview met Gelling elders op deze website legt Eelco uit dat hij bij zijn spel erg leunt op de vorm van de dag en het daaraan gekoppelde vermogen tot snelle improvisatie. Zijn muzikale geheugen noemt hij dat zelf. Jan Akkerman (links met Eelco in 1990) herkent dit zonder meer. "De ene gitarist heeft dat meer dan de andere. Het is gevoel tegenover techniek en alle variaties die je daarop kunt bedenken. Eelco speelt op basis van zijn gevoel de meeste van zijn improvisaties. Dat kan alleen als je 100% gefocust blijft. Lukt dat niet, dan heb je een grote kans om op een dwaalspoor te raken. Daar verkijken velen zich op. Je kan wel lekker een stuk van Rachmaninoff op de piano willen spelen, maar ga daar maar eens aan staan…"

"Wat je ook doet in dit vak, er is altijd enorm veel werklust en discipline voor nodig. Pas dan kun je over water lopen, mits je weet waar de paaltjes staan. Technisch, harmonisch, ritmisch…Ik ben bang dat Eelco dit door de jaren heen een beetje uit het oog is verloren. Niet omdat hij onmuzikaal of dom is, integendeel zelfs. Het is alleen allemaal wat roestig geworden. Maar waartoe hij in staat is, is fenomenaal. Eigenlijk is de blues op zich een zeer simpel gegeven, met slechts die twaalf maten. Eelco kan zich daarin als geen ander uitleven, precies op de manier die hij zelf wil. Hij heeft iets verfijnds in zijn karakter en in zijn muziek. Als je zelf gitaar speelt en je luistert goed naar hem, hoor je dat hij zich in zijn spel veel bijzondere, soms verbluffende invalshoeken permitteert. Dat kan hij juist omdat hij niet onintelligent is. Dat bedoelt hij onder meer met zijn muzikale geheugen vermoed ik. Iedere muzikant gebruikt de muziek als een soort vehikel, maar bij Eelco is het zuiver muzikaal. Daarom heb ik zo’n waardering voor hem. Hij heeft mij in mijn eigen gitaarspel absoluut geïnspireerd tot bepaalde dingen waarvan ik dacht: Hé, dat kan ook nog…"

In de korte pauze die volgt zegt Jan te hopen dat hetgeen hij vertelt begrijpelijk overkomt. Het is immers allemaal zo intuïtief. "Snap je het nog een beetje? Het zit puur van binnen man. Je voelt het aan of niet." Ineens schiet hij in de lach. "Soms is die oude Eelco er zomaar weer. Toen Herman Brood in 2001 die hit van Peter Koelewijn, Kom van dat dak af, wat al te letterlijk nam, werd ook Gelling om een mening gevraagd. Die gaf hij ongezouten. Zonder gebit in zijn mond zei hij op dat ietwat benepen toontje van hem (Jan doet hem na): Tja, als je jezelf zoals Brood naar buiten toe zo sterk profileert, moet je daar ook de consequenties maar van nemen. Toen dacht ik: Zóóóó… Goedendag, mag ik u feliciteren? Het zit er dus nog wel bij Eelco. Wat een geweldige observatie van hem. Het spijt me, maar daar heb ik dus alle waardering voor. Ik vind zoiets gek genoeg een hele goede vorm van relativeren die Eelco erop nahoudt. Hij heeft zichzelf trouwens ondertussen ook al aardig weg gerelativeerd, maar daar kunnen we gelukkig nog wat aan doen…"

 

Naar boven