Hoofdstukindex:

Somebody Will Know…
ZEelcoportretMet name in de beginjaren van de band werd er in de boerderij in Grolloo veel gecomponeerd en gerepeteerd. Volgens Gelling was het de perfecte plek om serieus te werken. "Je werd er niet lastiggevallen en zo. Van die periode kan ik me nog elke minuut herinneren. Helemaal prima. Er kwam altijd iets goeds uit de bus als we er schreven. Somebody Will Know Someday is daar gemaakt en hebben we er vaak uitgeprobeerd om de juiste vorm te vinden. Heel intens… Dat nummer overstijgt wellicht ons andere werk. In al z'n eenvoud heeft het gek genoeg een onwijze diepgang. Toen we Groeten uit Grollo opnamen was het nog niet af. Ik weet nog dat ik in de studio met die solo bezig was. Voelde ik de sfeer van dat nummer goed aan? Hoe kon ik Harry's emoties en bedoelingen zo puur mogelijk vertolken? Het was direct duidelijk dat de elektrische Les Paul niet paste. Maar wat dan wel? Opeens kreeg ik van Harrry een suggestie aangereikt: probeer eens nylon snaren… Nylon snaren? OK, hebben we die? Was ik niet mee vertrouwd. Snaren erop gezet, spelen… Prachtig, hoe je via nylon met enkele noten een te gekke breedte kan geven. Doen we dus!"
En zo kwam de volgens velen mooiste gitaarsolo uit de Nederlandse popmuziek tot stand.

'Kenners' vinden Eelco’s gitaarspel mede zo herkenbaar vanwege zijn aparte sound omdat hij linkshandig is. Johan Gaasbeek meent: "Door het krachtig neerzetten van de akkoorden." Eelco, wat onverschillig: "Ja dat zegt men wel, maar ik ben me daar niet zo van bewust. Ik ben inderdaad linkshandig en zo ben ik vroeger ook begonnen. Maar er werd mij gezegd dat het andersom moest en dat heb ik toen maar gedaan. Ik kan dus beide, maar links ben ik wat krachtiger, dat klopt."

ZEelcoMaastricht1967Bij optredens vroeger viel vaak op dat Eelco (links tijdens een optreden in 1967 in Maastricht) ergens achteraf weggedoken stond en zich niet vóór op het podium bevond. Soms waren de bandleden hem zelfs kwijt en stond hij ergens tussen de coulissen te spelen. Dat zou met zijn verlegenheid te maken hebben.
Eelco lachend: "Nou, dat viel wel mee hoor. Ik treed letterlijk en figuurlijk inderdaad niet zo graag op de voorgrond. Maar ik zou ook wel gek zijn als ik voor m’n eigen installatie zou staan.
Ik stond altijd op die plek waar ik iedereen kon zien en alles kon horen, zodat ik alle informatie kreeg die ik nodig had om goed te kunnen spelen. Als je vooraan staat, zie je de anderen niet en word je ook afgeleid door het publiek."

Naar boven